Nederlandse spaarders laten bijna anderhalf miljard euro spaarrente liggen door hun tegoed niet over te hevelen naar een beter renderende internetspaarrekening.
Dit blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Volgens het CBS stond eind vorig jaar bijna 67 miljard op de Nederlandse internetspaarrekeningen die een hogere rentevergoeding geven dan de traditionele spaarrekening.
Ondanks de hogere vergoeding van naar schatting 1 procent staat ongeveer 70 procent van het totale Nederlandse spaartegoed, zo’n 140 miljard euro, nog steeds op een ‘ouderwetse’ spaarrekening. Deze rekeningen kennen een lagere vergoeding. Zo betaalt de Postbank voor zijn internetspaarrekening momenteel 2,5 procent tegenover 1 procent voor de traditionele Kapitaalrekening. Opvallend is ook dat de stormachtige groei bij het internetsparen voorbij is.
In 2004 steeg het internettegoed met ruim 30 procent. Eind 2005 dikte deze spaarvorm aan met ‘slechts’ 18 procent. Dat heeft waarschijnlijk te maken met het feit dat de banken niet meer stunten met hoge spaartarieven.
Het verschil in vergoeding tussen een gewone spaarvorm en zijn elektronische broer is in 2005 kleiner geworden, waardoor de ‘run’ op de internetversie verminderde. Dat de internetinleg per saldo toch steeg heeft veel te maken met de overheveling van spaargeld van de traditonele spaarekening.
Dat niet iedere Nederlander ál zijn spaargeld heeft overgeheveld is ‘de macht der gwoonte en het feit dat veel ouderen weinig van internet moeten hebben’, meent het CBS.
Overigens geven de Nederlandse grote banken niet de hoogste rentepercentages op de internetspaarrekening. Wie op zoek is naar de hoogste opbrengst moet naar een Russische, Turkse of Belgische aanbieder stappen. De Nederlandse vestiging van de Russische Amsterdam Trade Bank biedt een vergoeding aan van 3,55 procent. De duurzame ASN Bank vergoedt 3,75 procent, maar daarvoor kent de rekening wel beperkende voorwaarden.